Bemesting

Bladvoeding

Planten hebben behoefte aan veel verschillende mineralen en voedingsstoffen. De mogelijkheid om dit op te nemen via de wortels is afhankelijk van de weersomstandigheden, bodemconditie en beschikbaarheid vanuit de grond. Voor bepaalde elementen is het nodig om via bladvoeding het gewas hierin te voorzien, om het zo vitaler te maken en daarmee de opbrengst en kwaliteit van het eindproduct te verbeteren. Een uitgebreide bodemanalyse met sporenelementen en uw eigen ervaring vertellen u veel over de potentie van uw percelen.

 

Profytodsd heeft een uitgebreide keus uit hoogwaardige enkelvoudige en samengestelde bladmeststoffen die goed aansluiten op de behoefte van de gewassen. Efficiëntie, kwaliteit en rendement zijn hierbij belangrijke uitgangspunten. U vindt hieronder een aantal producten die, afhankelijk van het teeltsysteem en uitslag van bodemanalyses, gebruikt kunnen worden als bladvoeding.

 

Stikstof:  N-plus Micro

N-Plus Micro is de meest gewasveilige vloeibare bladstikstof. Deze meststof is ontwikkeld om onder moeilijke omstandigheden (bijv. droogte) de plant van stikstof te voorzien. N-Plus Micro combineert een snelle aanvangswerking met een lange werkingsduur, is goed mengbaar en gewasveilig (ook in combinatie met minerale olie). Er zijn 2 formuleringen:

  • N-Plus Micro                    (24% N + 0,5% mangaan + 0,5% magnesium)
  • N-Plus Micro + Zn           (18% N + 2,0% mangaan + 1,0% zink + 0,5% magnesium + humuszuren)

 

Advies voor aardappelen, toepassen in loofgroeifase:

Pootaardappelen:

  • 15 l/ha N-Plus Micro (+ Zn)        (bij 50% veldbedekking)
  • 5 – 10 l/ha N-plus Micro (+Zn) (meespuiten met phytophthora bespuitingen tot de bloei)

 

Consumptie aardappelen / Zetmeel aardappelen:

  • 15 l/ha N-Plus Micro (+ Zn)           (bij 50% veldbedekking)
  • 10 – 15 l/ha N-Plus Micro (+ Zn) (meespuiten met phytophthora bespuitingen tot de bloei)

 

Fosfaat:  Phos-Plus NRG

Bij een lage plantbeschikbaarheid van fosfaat op de bodemanalyse, heeft de fosfaatvoeding van de plant extra aandacht nodig. De opneembaarheid van fosfaat via de wortels is in het begin van het seizoen beperkt wanneer de bodemtemperatuur laag is. U kunt dit in aardappelen 2 maal toepassen: bij knolzetting, daarna aan het begin van de knolvulling.

  • 5 l/ha Phos-Plus NRG                   (bevat fosfaat, kalium, magnesium, zink en zeewierextracten)

 

Kalium: Kalizwavel HF

Kalium draagt bij aan de fotosynthese en reguleert het watertransport in de plant. Wanneer op de bodemanalyse de K-plantbeschikbaar laag is, kunt u dit aanvullen via een bladbemesting met Kalizwavel HF. Ook kan er met Kalizwavel HF gecorrigeerd worden wanneer uit een bladsap-analyse blijkt dat het kalium-gehalte in de plant te laag is, of wanneer er gebrek optreed.

  • 5 l/ha Kalizwavel HF                    (= 40-50 kg/ha K2O via de bodem)

Mangaan: Hu-man 15

Op lichte, kalkrijke zavelgrond en kleigronden met een pH hoger dan 6,8 kan gemakkelijk mangaangebrek optreden. Ook onder droge omstandigheden wordt de opneembaarheid van mangaan minder. Naast een hogere weerbaarheid geeft bladvoeding met mangaan dan al snel een opbrengst-verhogend effect. Mangaan is vooral nodig in de fase van bladontwikkeling en bladgroei.

  • 1 – 2 l/ha Hu-Man 15    (bevat mangaan, zink, zwavel en magnesium)

 

Magnesium: Magnor

Magnesium is een belangrijk element in de fotosynthese. Wanneer een perceel een lage magnesium-beschikbaarheid heeft, is het verstandig een bespuiting met magnesium uit te voeren. Zeker teelten zoals aardappelen, ui, peen en witlof hebben een hoge magnesiumbehoefte. U voorkomt zo interne gebreken en kunt de opbrengst hiermee verhogen.

  • 1 – 2 l/ha Magnor          (bevat 10% Mg en 5% N)

 

Borium: BorMo HF

Een plant heeft het hele seizoen behoefte aan borium. Borium is belangrijk voor veel processen in de plant, vooral bij aardappelen, bieten, peen en maïs. Het speelt een rol bij de celdeling, stuifmeelvorming, knolaanleg, knolontwikkeling en transport van suikers. BorMo HF bevat, in tegenstelling tot andere borium-meststoffen, ook molybdeen. Molybdeen is een element dat slechts in kleine hoeveelheden nodig is, maar een cruciale rol speelt in de opname van stikstof en fotosynthese. Belangrijk is dat de toepassing vroeg in de teelt begint en enkele malen herhaald wordt.

  • 0,5 – 1 l/ha BorMo HF (bevat 150 g/l Borium en 7,5 g/l Molybdeen)

Calcium: N-xt N18 Ca Mg Mn

De beschikbaarheid van calcium verschilt erg veel tussen percelen. Uw bodemanalyses zijn daarom van groot belang. Calcium zorgt voor sterkere celwanden en maakt daardoor de plant vitaler en weerbaarder. Bij een lage Ca-beschikbaarheid is het van belang dat calcium via bladvoeding wordt aangevuld, zodat wortels en knollen niet leeggezogen worden. Om de kwaliteit en bewaarbaarheid te verhogen kan N-xt N18 Ca Mg Mn toegepast worden. Vooral aardappelen, uien, peen en koolsoorten hebben een hoge calciumbehoefte en moet er gestart worden wanneer de knolzetting heeft plaatsgevonden of wanneer er voldoende bladmassa aanwezig is.

  • 20-25 l/haN-xt N18 Ca Mg Mn              (wekelijkse toepassing, 5,5 kg N + 1,6 kg Ca)
  • 50 l/ha N-xt N18 Ca Mg Mn             (spuitinterval van 14 dagen, 11 kg N + 3,2 kg Ca)

 

Samengestelde bladmeststoffen: CropFuel & OPF

CropFuel is een samengestelde bladmeststof en bevat (naast N, P, en K) de sporenelementen borium, zink, magnesium, mangaan, koper en zwavel. CropFuel kan gemengd worden met olie.

  • 2 - 2,5 l/ha Crop Fuel    (4 – 6 keer herhalen)

 

De bladmeststoffen van OPF zijn ook samengestelde bladmeststoffen. Deze bladmeststoffen zijn van plantaardige oorsprong en bevatten (naast N, P en K) borium, zink, magnesium, mangaan, koper, zwavel, calcium en natrium. De formuleringen zijn OPF 7-2-3, OPF 5-2-5 en OPF 4-2-8.

  • 5 – 10 l/ha OPF               (in 200 – 300 l water, 3 – 5 keer herhalen)

Voor vragen, neemt u contact op met uw teeltadviseur.



Contact

Algemeen

Bezoek adres:
Revisieweg 3, 8304 BE Emmeloord

Postadres:
Postbus 1077, 8300 BB Emmeloord

tel: 0527-631515
fax: 0527-292558
e-mail: info@profytodsd.nl